Op 23 oktober 2018 is de Wet bescherming bedrijfsgeheimen (de “Wet”) in werking getreden.

Ondernemingen investeren veel in de verwerving, ontwikkeling en toepassing van knowhow en informatie. Knowhow kan in veel gevallen ook een (substantiële) financiële waarde vertegenwoordigen voor ondernemingen. Knowhow vormt daarnaast vaak een aanvulling op de bestaande intellectuele eigendomsrechten (zoals bijvoorbeeld octrooien of auteursrechten).

Op voorspraak van de Europese Commissie is in 2016 de Europese richtlijn 2016/943/EU aangenomen. Die richtlijn geeft regels inzake de bescherming van niet-openbaar gemaakte knowhow en bedrijfsinformatie. Met het voorstel voor de Wet bescherming bedrijfsgeheimen wordt voornoemde richtlijn omgezet in nationaal recht. De omzettingstermijn was al verlopen op 9 juni 2018.

 

Bescherming Knowhow huidige situatie

De Wet vormt een aanvulling op de nu al beschikbare instrumentaria om knowhow te beschermen. Zo kan knowhow beschermd worden door middel van het sluiten van geheimhoudingsovereenkomst of het opnemen van geheimhoudingsbedingen in arbeidsovereenkomsten Schending van zo’n geheimhoudingsovereenkomst levert wanprestatie op. Daarnaast kan het onrechtmatige gebruik van knowhow een onrechtmatige daad opleveren. In aanvulling op de bestaande beschermingsmogelijkheden wordt de positie van de houder van ‘bedrijfsgeheime’ knowhow verder versterkt door de Wet.

 

Bedrijfsgeheimen

De definitie bedrijfsgeheim vormt het kernbegrip in de Wet. Onder een bedrijfsgeheim wordt – kortweg – verstaan: informatie die:

  • geheim is;
  • handelswaarde heeft omdat zij geheim is; en
  • de houder heeft de informatie onderworpen aan redelijke maatregelen om haar geheim te houden.

 

Bescherming van bedrijfsgeheimen

De Wet geeft een opsomming van omstandigheden waaronder het verkrijgen, gebruiken en openbaar maken van een bedrijfsgeheim onrechtmatig is (artikel 2). Bij de onrechtmatige verkrijging van een bedrijfsgeheim staat centraal dat de toestemming van de houder van een bedrijfsgeheim ontbreekt. De verkrijging van een bedrijfsgeheim wordt geacht onrechtmatig te zijn indien sprake is van de onbevoegde toegang tot of toe-eigening van documenten, voorwerpen of elektronische bestanden die het bedrijfsgeheim omvatten of waaruit het bedrijfsgeheim kan worden afgeleid. Ook is de verkrijging van een bedrijfsgeheim onrechtmatig indien het bedrijfsgeheim is verkregen door gedragingen die gezien de omstandigheden worden beschouwd als strijdig met eerlijke handelspraktijken. De wetgever geeft bij deze laatste categorie het voorbeeld van onderhandelingen over samenwerking waarbij met behulp van misleidende informatie of voorwendselen een bedrijfsgeheim wordt ontfutseld.

Ook bevat de Wet een opsomming van omstandigheden waaronder het verkrijgen, gebruiken en openbaar maken van een bedrijfsgeheim wel rechtmatig is, bijvoorbeeld als een bedrijfsgeheim is verkregen door middel van een onafhankelijk ontdekking. Daarnaast bevat de Wet een opsomming van gevallen waarin wel sprake kan zijn van een onrechtmatige verkrijging van een bedrijfsgeheim, maar waartegen de houder van het bedrijfsgeheim niet kan optreden. Hierbij kan gedacht worden aan een journalist die in het kader van zijn journalistieke werkzaamheden over een bedrijfsgeheim komt te beschikken. Ook kan niet worden opgetreden tegen de openbaarmaking van een bedrijfsgeheim die ten doel heeft om illegale activiteiten te onthullen.

 

Handhaving van bedrijfsgeheimen

Het palet aan handhavingsmaatregelen dat de Wet aan een houder van een bedrijfsgeheim beschikbaar stelt bij onrechtmatig gebruik van een bedrijfsgeheim toont in grote mate overeenstemming met de maatregelen opgenomen in verschillende IE-wetten. Zo kan de houder van een bedrijfsgeheim onder meer een verbod op het gebruik van een bedrijfsgeheim vorderen en/of een verbod om producten te produceren, aan te bieden, in de handel te brengen of te gebruiken die inbreuk maken op een onrechtmatig verkregen bedrijfsgeheim. Ook kan een inbreukmaker worden veroordeeld tot het terugroepen van inbreukmakende producten en de vernietiging daarvan. Tot slot kan de houder schadevergoeding vorderen van de inbreukmaker.

 

Anticiperen op de Wet

Om gebruik te kunnen maken van de nieuwe mogelijkheden die de Wet biedt is het van belang dat belangrijke knowhow binnen een onderneming kwalificeert als een bedrijfsgeheim. Dit kan worden bereikt door informatie als geheim te kwalificeren en maatregelen te treffen om die informatie ook daadwerkelijk geheim te houden. Naar de mening van de wetgever ligt het treffen van verschillende maatregelen voor de hand, zoals het opnemen van geheimhoudingsclausules in handelscontracten, het opnemen van geheimhoudingsbepalingen in arbeidsovereenkomsten en arbeidsreglementen. Ook zal een onderneming organisatorische maatregelen moeten treffen, zodat bijvoorbeeld alleen sleutelfiguren uit de onderneming toegang hebben tot de bedrijfsgeheimen. Een onderneming dient ook afdoende fysieke beveiligingsmaatregelen te treffen, zoals bewaking van het kantoorgebouw en ruimten waar bedrijfsgeheimen worden bewaard. Tot slot dient ook aan digitale beschermingsmaatregelen worden gedacht, zoals encryptie van computerbestanden, etc.

 

Tot slot

Met de Wet wordt het makkelijker om te kunnen optreden tegen schending van bedrijfsgeheimen. Het is raadzaam om in de toekomst bijzondere aandacht te besteden aan geheimhoudingsovereenkomsten. Ook indien twee partijen in het kader van een onderzoek naar een mogelijke samenwerking een geheimhoudingsovereenkomst sluiten, zullen partijen duidelijk moeten overeenkomen op welke wijze uitgewisselde informatie mag worden gebruikt en wat de gevolgen zijn van het eindigen van de geheimhoudingsovereenkomst. Immers met de inwerkingtreding van de Wet levert een schending van een geheimhoudingsovereenkomst niet alleen wanprestatie op, maar kwalificeert mogelijk ook als een onrechtmatige daad in de zin van de Wet.