Le Poole Bekema heeft Hanos recentelijk succesvol bijgestaan in een procedure over slaafse nabootsing van gezelligheidsspellen. Op 20 december 2018 heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Gelderland geoordeeld dat Hanos door opname van het gezelligheidsspel ‘de Pak ’n Vraag pot’ in haar kerstpakket niet onrechtmatig heeft gehandeld tegenover de maker van ‘de Kletspot’.

De voorzieningenrechter overweegt dat Hanos heeft aangetoond dat de Kletspot geen ‘eigen gezicht op de markt heeft’, gezien de vergelijkbare producten die op de markt waren op het moment dat Hanos het product is gaan verhandelen. Als gevolg daarvan heeft de maker van de Kletspot niet kunnen aantonen dat er verwarringsgevaar bestaat tussen de twee potten, waardoor Hanos niet onrechtmatig heeft gehandeld. De voorzieningenrechter overweegt ten overvloede dat Hanos de Kletspot ook niet slaafs heeft nagebootst, aangezien Hanos niet de producent maar slechts de afnemer en leverancier van de Pak ’n Vraag pot is. Om als leverancier onrechtmatig te handelen zijn ‘bijkomende omstandigheden’ nodig, die zich in dit geval niet voordeden.

Deze uitspraak is belangrijk voor leveranciers (zoals groothandels en tussenpersonen) die producten enkel (door)verkopen en de producten niet zelf vormgeven. Wanneer dergelijke partijen geconfronteerd worden met vorderingen die gebaseerd zijn op slaafse nabootsing, dan kunnen zij zich verweren met de stelling dat zij niet de vormgever (de nabootser) zijn. In dat geval moet de eiser bijkomende omstandigheden aanwijzen om te kunnen aantonen dat de leverancier onrechtmatig handelt.

Zie hier het vonnis: boek 9 en IE-Forum.